Veel gemeenten vinden dat de Leegstandswet onvoldoende handvatten biedt en zien de leegstandsverordening als een tandeloze tijger. (Lees ook: ‘Hoe pak je leegstand van woningen effectief aan?’) Met een leegstandsverordening kan een gemeente de eigenaar van een leegstaand pand dwingen dat aan te melden bij de gemeente, de eigenaar sommeren op gesprek te komen en zelf een huurder voordragen. Een gemeente kan echter geen dwingende termijnen opleggen en evenmin de gevraagde huurprijs maximeren.
Maar let op; rond de aanpak van leegstand gaan twee dingen veranderen.
1. De Leegstandswet wordt aangescherpt
De afgelopen jaren experimenteerden de gemeenten Utrecht en Amsterdam al met aangescherpte mogelijkheden. Die worden na een positieve evaluatie nu overgenomen in de wet. Daarmee kunnen gemeenten in een leegstandsbeschikking een ingebruiknameverplichting opleggen met een dwingende termijn. De eigenaar moet dan vóór het aflopen van die termijn de woning in verhuur of gebruik hebben gegeven, op straffe van een bestuurlijke boete. Hierdoor kan hij zich niet langer verschuilen achter een onrealistisch hoge huur, of claimen ’geen huurder te kunnen vinden’.
Deze wetswijziging ligt voor advies bij de Raad van State en wordt nog voor de zomer naar de Tweede Kamer gestuurd.
2. Er komt een leegstandsheffing
Naar Vlaams voorbeeld kunnen gemeenten voortaan een financiële prikkel instellen om leegstand te voorkomen. Dit is een nieuw instrument; niet vanuit het bestuursrecht maar vanuit het belastingrecht. Gemeenten hebben nu het recht om in de gemeentelijke belastingverordening een fiscale heffing op te leggen aan eigenaren van een leegstaand pand. Het heffingsbedrag mag bovendien oplopen naarmate het pand langer leegstaat. Bijvoorbeeld 1% van de WOZ-waarde in het eerste jaar leegstand, 2% in het tweede jaar, enzovoorts.
Hanteer de juiste volgorde
Het Besluit tot instelling van een leegstandsheffing is op 11 maart 2026 gepubliceerd in het Staatsblad. Om de heffing toe te kunnen passen moeten gemeenten wel eerst een Verordening Leegstandsheffing opstellen en door de gemeenteraad laten vaststellen. Dit is een andere verordening dan de leegstandsverordening zelf. In praktijk zul je als gemeente beide nodig hebben. Je moet namelijk de registratie van leegstand in de leegstandsverordening geregeld hebben, voordat je op basis van de Verordening Leegstandsheffing een heffing kunt opleggen. Beide verordeningen verwijzen dus naar elkaar.
De verwachting is dat deze wijzigingen ervoor zorgen dat het gemeentelijk leegstandsbeleid veel krachtiger kan worden. Dit past goed bij de verplichting om in het volkshuisvestingsprogramma werk te maken van het beter benutten van de bestaande woningvoorraad. Nu het leegstandsbeleid eindelijk tanden krijgt, kan het voor veel meer gemeenten een zinvol instrument zijn in hun gereedschapskist.
Meer weten over leegstandsbeleid?
Heb je vragen over de mogelijkheden om leegstand in jouw gemeente aan te pakken? Neem dan contact op met Ronald Camstra.
20 mei 2026