Problemen op de woningmarkt hebben grote impact op de levens van mensen. Geen wonder dat de volkshuisvesting in deze kabinetsformatie weer hoog op de agenda terugkeert. De volkshuisvesting legt  beleidsoverschrijdende dilemma’s bloot over wonen met zorg en ondersteuning, over ruimtegebruik, en over wie ‘recht’ heeft op de schaarse ruimte.

In aanloop naar de verkiezingen op 22 november 2023 zagen we een opvallende verschuiving in de politieke aandacht naar het thema wonen. Kiezers zetten wonen doorgaans op plek 1 of 2 van de belangrijkste maatschappelijke problemen. Hun zorg is breed. Denk aan jarenlange wachtlijsten voor sociale huur en jongeren die lastig een woning kunnen vinden in hun geboortedorp. Maar ook aan onhoudbare thuiszorg, te weinig verpleeghuisplekken en verschillende groepen urgenten.

Vier mogelijke coalities en hun betekenis voor het wonen in Nederland

Assenkruis met vier mogelijke coalities en hun betekenis voor wonen in Nederland

Coalitie 1: Vrijheid en verantwoordelijkheid

Clustering van locaties en samen zorgen voor elkaar

De vergrijzing werkt ook onder deze coalitie hard door in de betaalbaarheid van zorg. Arbeidsmigratie vult personeelstekorten aan, maar we moeten accepteren dat zorg in de toekomst versobert. We doen meer en vaker een beroep op mantelzorg. Zowel binnen de familiekring als door nieuwe vormen van woonzorggemeenschappen. Denk aan mantelzorgoplossingen, hofjesconcepten en wooncollectieven. Bovendien bevorderen contacten, netwerken en nabijheid van voorzieningen het welzijn van bewoners. We centreren woonzorgclusters en zorgvoorzieningen binnen grotere kernen. Dit levert schaalvoordelen bij de intensieve zorglevering op. Daarnaast stimuleert de markt uitgebreide (woon)zorgarrangementen met keuzevrijheid. Dit leidt tot meer particulier initiatief van zorg- en vastgoedinvesteerders.

Afdwingen betaalbaar losser in de stad

Meer betaalbare woningbouw blijft belangrijk. De coalitie stuurt op het percentage sociale huur; 30% in de voorraad blijft een toetsnorm. Specifieke aandachtsgroepen worden belangrijker bij de bepaling van een passend en betaalbaar programma. De landelijke normen voor middenhuur en betaalbare koop worden minder strak opgelegd bij het bouwprogramma in de stad. Per type ontwikkellocatie wordt een doelgroepenvisie opgesteld.

Vrije vestiging in de Nederlandse gemeenten blijft een belangrijk thema. Dat betekent minder ruimte voor maatwerk met voorrang van lokale inwoners. In het woningbouwprogramma komt voldoende aandacht voor een (aanvullend) bouw-/huisvestingsplan voor kennis- en arbeidsmigranten. Vestiging van deze groepen is van belang voor de economie.

Bestaand vastgoed beter benut

Bestaand vastgoed wordt beter benut. Dit is door de schaarse ruimte in Nederland wenselijk en meestal goedkoper, want de infrastructuur en voorzieningen zijn er al. De nadruk ligt daarbij in de steden en grotere dorpskernen. Minder regelgeving biedt ruimte aan inbreiding en verdichting binnen de bebouwde kom. Om optoppen eenvoudiger te maken worden beschermde stadsgezichten en bouwhoogtes minder beperkend. Splitsing van woningen wordt ook eenvoudiger, onder andere door minder beperkende parkeernormen.

Duurzaam door innovatie

Deze coalitie blijft investeren in de stedelijke systemen in Laag-Nederland. Zo worden de aanwezige clusters en netwerken in de kennis- en kapitaalkrachtige Randstadregio benut en versterkt. De technologische uitdagingen rond zeespiegelstijging en waterberging zijn een opgave, maar ook een kans. Het is de motor voor een duurzame (kennis)economie met minder intensieve en belastende landbouw.

Coalitie 2: Volkshuisvesting terug van wegbezuinigd

Aandacht voor opbouwwerk

In de visie van deze coalitie voor wonen en zorg staat aandacht voor de meest kwetsbaren centraal. Voor hen moet zorg in de buurt aanwezig zijn en de overheid garandeert dit. Nog belangrijker is preventie. Er is daarom veel aandacht voor ontmoeting, welzijnswerk en opbouwwerk. Dit moet voorkomen dat mensen zorgvrager worden. Er komt een inkomensafhankelijke zorgbijdrage, zodat iedereen van zorg is verzekerd.

Volkshuisvesting in ere hersteld

Centraal staan meer betrokkenheid en een grotere rol van de overheid. Die legt het accent bij de bouw van betaalbare woningen en sociale huur en behoudt de huurtoeslag om wonen betaalbaar te houden. De coalitie moedigt corporaties aan om zich meer op het middensegment te richten. En ze zet zich in voor passende huisvesting voor kwetsbare groepen. Een eerlijke verdeling van de opgave staat hoog op de agenda. Fair share, ook met aandacht voor middenhuur, is het leidende principe. De huurprijs is in overeenstemming met het puntensysteem.

Duurzaam voor mens en milieu

Inzet op inbreiding boven uitbreiding, en een oog voor natuurbehoud, vormen de kern van de coalitiestrategie. Duurzaam bouwen is prioriteit in zowel nieuwbouw als bestaande bouw. Er komen extra subsidies om bewoners aan te moedigen tot verduurzaming. De coalitie vindt investeringen in het elektriciteitsnet essentieel, vooral gezien de problemen met netcongestie. En ze bekijkt duurzaamheid ook vanuit maatschappelijk oogpunt. De nadruk ligt op levensloopbestendig bouwen en bevordering van doorstroming, met mogelijkheden voor community living. Het wordt makkelijker om de bestaande bouw aan te passen. Bijvoorbeeld door woningsplitsing, transformatie en gedeeld wonen. Financiële middelen zijn daarvoor beschikbaar.

Coalitie 3: Revival van de gemeenschap

Provincie meer sturend

Deze coalitie bouwt voort op het beleid dat Hugo de Jonge inzette. Het zet de lijn door van een sterke overheid die centraal regisseert. Met een eigen Ministerie voor VRO, Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening. Deze coalitie belegt een brede en sterker sturende rol bij de provincies. Inhoudelijk kiest ze op het gebied van wonen drie hoofdlijnen:

1. Investeren in welzijn en zorg

Er wordt niet verder bezuinigd op de zorg. Waar de afgelopen jaren verschillende woonvormen verdwenen, zet deze coalitie daar juist weer op in. Er her- en verrijzen verzorgingshuizen 2.0, zorgcoöperaties, zorgbuurthuizen en mantelzorgwoningen. Het mantra ‘zelfredzaamheid’ verdwijnt naar de coulissen en wordt vervangen door ‘samenredzaamheid’. We gaan zorg weer samen doen vanuit ‘noaberschap’. En de overheid maakt dit mogelijk.

2. De lokale gemeenschap voorop

Lokale gemeenschappen worden versterkt en krijgen weer de aandacht, met het gezin als uitgangspunt. Jongeren die willen settelen in de kern of gemeente waar ze zijn opgegroeid, krijgen voorrang op andere woningzoekenden. Voorzieningen keren terug in de kleinere kernen. Daarvoor krijgen corporaties weer meer mogelijkheden. Vanuit het subsidiariteitsbeginsel krijgen woon- en zorgcoöperaties ruim baan om te voorzien in de behoefte.

3. Grote locaties én een straatje erbij in iedere kern

Er gaat flink gebouwd worden en dat moet mogelijk zijn in alle kernen. Daarnaast wijzen de provincies enkele grote uitleglocaties aan. Hierbij ligt de nadruk buiten de Randstad; de Lelylijn komt er eindelijk. Gemeenten krijgen de ruimte van provincies om ieder dorp beperkte uitbreidingsmogelijkheden te geven. De verantwoordelijkheid voor de huisvesting van arbeidsmigranten komt bij bedrijven te liggen. De prioriteit ligt bij de ‘eigen’ inwoners.

Coalitie 4: Bouwen zonder beperkingen

Zelfredzaamheid nog steeds het credo

Deze coalitie neemt marktwerking als uitgangspunt voor wonen en zorg. Wanneer mensen niet meer zelfstandig kunnen wonen is het primair hun eigen verantwoordelijkheid om zorg te organiseren; via een verzekering of hun eigen omgeving. Mantelzorg en ‘noaberschap’ zijn kernbegrippen. Voor mensen die hun zorg niet georganiseerd krijgen, komen er wooncentra en verzorgingshuizen. Voor rijkere ouderen komen er luxe private woonzorggebouwen op basis van marktinitiatief.

Grootschalige bouw goedkope koopwoningen

De coalitie zet in op grootschalige bouw, waarbij de uitbreiding van voornamelijk goedkope koopwoningen centraal staat. Hiervoor schrapt ze belemmerende regels voor de bouwproductie, zoals de ladder van duurzame verstedelijking en de stikstofregels. De stem van woningzoekenden gaat in inspraakprocedures zwaarder wegen dan die van omwonenden. Ruimtelijke regels worden vereenvoudigd en waar mogelijk geschrapt. Ondanks dat het Rijk de regie op woningbouw heeft, zet deze coalitie voor de realisatie van woningen in op subsidiariteit. Hierdoor spelen decentrale overheden een belangrijke rol in de uitvoering. De bouw van nieuwe woningen vindt voornamelijk plaats op uitleglocaties; bij steden en zeker ook bij elk dorp.

Corporatiesector blijft bij de kerntaak

Binnen de sociale huursector vindt er geen verbreding van de huidige doelgroepen plaats. De inkomensgrens voor sociale huurwoningen blijft gelijk. Een jaarlijkse inkomenstoets gaat scheefhuur tegen. Bovendien krijgen statushouders geen voorrang op sociale huur. Zo komt meer ruimte voor reguliere woningzoekenden en met name de ‘eigen’ inwoners. Woningbezit wordt gestimuleerd. Door de Kooprechtwet krijgen bewoners van sociale huurwoningen de mogelijkheid hun woning te kopen.

De coalitie helpt ouderen die in een te groot huis wonen financieel om kleiner te gaan wonen. Dit bevordert de doorstroom op de woningmarkt. Deze ouderen gaan in de toekomst voornamelijk zelfstandig wonen in hofjes of serviceappartementen.

23 november 2023