De komende jaren verwachten gemeenten zo’n 150 extra standplaatsen te realiseren.

Woonwagencultuur
De laatste jaren is er binnen Europa steeds meer aandacht voor woonwagencultuur en het recht om in een woonwagen te wonen. Om dit te borgen moeten gemeenten volgens het Beleidskader gemeentelijk woonwagen- en standplaatsenbeleid beleid maken waarmee ze ruimte bieden aan het woonwagenleven. Companen kreeg in 2020 de opdracht om te monitoren hoe ver gemeenten inmiddels zijn met het opstellen van beleid en tegen welke knelpunten ze in de praktijk aanlopen.

Enquête en registerdata
Het ministerie van BZK gaf Companen in 2018 al opdracht om te onderzoeken hoeveel woonwagenstandplaatsen er in het land waren. In 2020 vroeg BZK om een herhaalmeting. Anders dan bij het eerste onderzoek is dit nieuwe onderzoek niet alleen gebaseerd op een enquête onder gemeenten, maar ook op een analyse van gegevens die bekend zijn bij het Kadaster. Daardoor konden we ook voor gemeenten die niet reageerden op de enquête een schatting maken van het aantal standplaatsen.

Knelpunten
Ruim 70 gemeenten gaven in de enquête aan dat zij sinds 2018 nieuw beleid voor standplaatsen hebben opgesteld. Veel gemeenten vinden het ontwikkelen van standplaatsenbeleid ingewikkeld: het grondgebruik van een standplaats is relatief groot en de realisatie van een standplaats met woonwagen is in veel gevallen duurder dan de bouw van een woning in de sociale huur. Sommige gemeenten melden daarnaast dat het contact met bewoners stroef verloopt – maar ook de samenwerking met corporaties blijkt niet altijd vanzelf te gaan.

Maatregelen
Mede op basis van de resultaten van de herhaalmeting is het ministerie van BZK van plan om, in overleg met de VNG, een ondersteuningsprogramma op te stellen voor gemeenten. Het ministerie verwijst daarbij ook naar de ‘Wegwijzer gemeentelijk woonwagen- en standplaatsenbeleid’, die Companen opstelde in opdracht van de VNG. De Wegwijzer biedt gemeenten concrete handvatten om te komen tot goed woonwagenbeleid. Daarnaast komt er een onderzoek naar de kosten van standplaatsen en woonwagens, zodat lokale partijen in hun overleg meer objectieve gegevens bij de hand hebben. Om gemeenten tegemoet te komen in de kosten van realisatie, kunnen zij een beroep doen op het budget van 50 miljoen euro dat de minister heeft vrijgemaakt voor de huisvesting van specifieke doelgroepen.

Meer weten?
Voor meer informatie over de Herhaalmeting Woonwagenstandplaatsen en de Wegwijzer gemeentelijk woonwagen- en standplaatsenbeleid kunt u terecht bij Pim Tiggeloven of Roosje van Leer.

20 mei 2021